|
![]() |
| SBOV III | Partners | Contact | ||||||||||||||||||||||||||
|
Paper: Toekomstverkennen in Frankrijk: van theorie tot praktijk (2010) Fobé Ellen & Brans Marleen (2010). Toekomstverkennen in Frankrijk: van theorie tot praktijk. Politicologen-etmaal. Leuven: België. 27-28 mei 2010. 25 p.
Korte bespreking Deze paper kadert binnen het project ‘Geïnformeerd beleid: afstemming en vraag van kwantitatieve beleidsinformatie en toekomstverkenningen’ en focust op de theoretische en praktische ontwikkelingen van het toekomstverkennen in Frankrijk. De bijdrage werd gepresenteerd op de sessie toekomstverkenningen tijdens het Politicologenetmaal 2010. In die workshop kwamen academici én praktijkdeskundigen uit Vlaanderen en Nederland samen om te debatteren over het brede onderwerp van toekomstverkenningen. De paper focust in de eerste plaats op conceptuele ontwikkelingen in Frankrijk, dat naast de Verenigde Staten als bakermat van het toekomstverkennen kan worden beschouwd. Een aantal thema’s uit de werken van de twee grondleggers van het Franse toekomstdenken, Gaston Berger en Bertrand de Jouvenel, worden besproken. De thema’s zijn ook vandaag nog zeer actueel. Het gaat onder meer om de noodzaak en meerwaarde van een verhoogde aandacht voor de toekomst via ‘une attitude prospective’, de onzekerheid die in de toekomst vervat zit (kennis over de toekomst bestaat niet), de openheid die de toekomst kenmerkt (afwijzing van het predeterminisme) en de mogelijkheid tot actie om zelf vorm te geven aan onze toekomst. De Jouvenel introduceert daarnaast het concept ‘futuribles’ waarmee hij naar de mogelijkheid tot ontwikkeling van verschillende, mogelijke toekomsten of ‘futurs possibles’ verwijst. De paper heeft, ten tweede, ook aandacht voor het toekomstverkennen bij de Franse overheid. Drie grote periodes worden daarbij onderscheiden. De jaren zestig vormen het startpunt en kennen een sterke inbedding van toekomstverkenningen in het Franse overheidsapparaat. Het geloof in toekomstverkenningen is groot en de ambitie om hiermee de Franse samenleving vorm te geven, is kenmerkend voor deze periode. De periode vanaf 1975 kent een sterke terugval van overheidsinvesteringen in het toekomstverkennen in Frankrijk. De aantrekkelijkheid en legitimiteit van toekomstverkenningen voor het beleid was gedaald ten gevolge van onder meer de economische crisis en de toenemende globalisering. Die zorgden voor onzekerheid en stimuleerden een kortetermijnbeleid. Er was hierdoor ook weinig evolutie op onderzoeksmatig of methodologisch vlak. Pas in de jaren negentig vindt opnieuw een heropleving en herstel plaats, hoewel toekomstverkenningen bij de overheid nu minder integraal en eerder sectorgericht zijn. De ambities van toekomstverkenners en van de Franse overheid, evenals het geloof in de maakbaarheid van de samenleving zijn immers veel beperkter dan tijdens de begindagen van het toekomstverkennen. We besluiten met een korte beschouwing over twee algemene aandachtspunten voor toekomstverkenningen in de overheid: de cruciale vraag naar de impact op het beleid, enerzijds, en het managen van onrealistische verwachtingen over het voorspellende karakter, anderzijds. Dit lijken belangrijke uitdagingen voor het toekomstige toekomstverkennen. |
|||||||||||||||||||||||||||
|
|